• Gepubliceerd in Seniorennieuws

Door het mooie weer lieten tal van beestjes zich verleiden om de coryfeeën van Das Zehnte met gevaar voor eigen leven uit te zwaaien. Duiven, konijnen en wisenten stroomden toe. De enige die ze niet toe konden juichen was onze iconische vlaggenist, die nog met zijn half brakke bakkes op zijn nest lag weg te kwijnen. Adelverplicht verscheen Het Witte Lijk gelukkig op tijd voor de aftrap in Uden.

Das Zehnte begon onwennig, vanwege het plotselinge uitvallen van key player Mark van der Venne. Hij werd handhandig geconfronteerd met de grote risico’s van op jezelf wonen. Druk worstelend met bord 4 en mok 2 uit zijn vaatwasser, kopte hij vernietigend hard tegen zijn Manders keukenkastje, dat weinig mee gaf. Dat leverde hem een schudding op. In hoeverre er daadwerkelijk hersenen in het spel betrokken waren, wordt nog onderzocht.

De Udenaren hadden al 96 tegengoals geïncasseerd, dus onze vermaarde technici zouden ze wel eens even over de magische grens heen helpen. Dat bleek in de praktijk aardig mee te vallen. Beste-stuurlui-staan-aan-waller Fixet liet zien weinig opgestoken te hebben van zijn scherpe analyses en verprutste met een vaag hakballetje al rap de eerste kans van de wedstrijd. Daarna leken de onbevlekte ontvangenis van Moeder Maria en de wonderlijke pyramide van Cheops zijn meerdere te moeten erkennen in een nieuw wereldwonder: Yorick leek zijn eerste assist van zijn omdoosde kicks te laten schieten. Helaas was onbevlekte ontvanger Jaap minder bij de les en bleef het wonder uit. Het vervolg van de eerste helft had het entertainmentgehalte van een zeventiende herhaling van “Hoogtepunten van 41 jaar Testbeeld”. Halbzeit.

De tweede helft kon nauwelijks slechter, dus in dat opzicht waren we positief gestemd. Een combinatie van Fixet en onze Panroerder van de Akkerwinde leidde helaas tot niets. Aan de overkant was het daarna écht schrikken geblazen, toen de Udenaren – met 3 punten uit 14 wedstrijden niet meer nadrukkelijk in beeld voor het kampioenschap – een dot van een kans kregen. Gelukkig bleek onze Hyundai-panter in het hok zo scherp als een Samuraizwaard en bracht hij tot twee keer toe redding. Iets later kwam hij dan weer net te ver uit dat hok, maar door een schoolvoorbeeld van complete onkunde liep dat goed af. Kokkieloze Peppie bewees even later dat schoenen vervangen niet betekent dat je beter gaat koppen. Hij hielp van dichtbij een 100% kopkans naar de bodem van het iets verderop gelegen IJsselmeer. Ook d’n Peer kreeg de bal er niet ingefrot toen onze eigen wisent Ko de bal strak voor de pot knikkerde. De laatste kans was opnieuw voor d’n Peer, maar die hield er – begrijpelijk – geen rekening mee dat voorzetten van Bokske van Hanstel ook wel eens wél aankomen.

De laatste 400% kans was voor UDI, die lachend, gierend en brullend achterom keken en een wanhopig ploeterende Fixet in de achtervolging zagen. Alle definities van ‘rennen’ zijn er door uw verslagschrijver op na geslagen, maar geen enkele definitie dekte de lading van wat hij aan het doen was. Gelukkig bleef die ultra vernedering Das Zehnte bespaard, maar met het schaamrood op de kaken kon die Mannschaft met één schamel puntje huiswaarts.

Ook op de terugweg kwamen duiven, eksters en kanaries en rondvliegende wulpse hertjes weer goed weg.